Het verbod op nevenwerkzaamheden ingeperkt

In ons vorige topic kwam aan bod welke gevolgen de Wet implementatie EU-Richtlijn transparante en voorspelbare arbeidsvoorwaarden (Wtva) heeft voor werkgevers. Een belangrijke verandering is de inperking van het verbod op nevenwerkzaamheden. Deze wordt in dit topic nader uitgelicht.

Verbod op nevenwerkzaamheden
Steeds vaker hebben werknemers naast hun baan een eigen bedrijfje of een andere baan. Een verbod op nevenwerkzaamheden kan hierbij in de weg staan. De inperking van het verbod op nevenwerkzaamheden houdt in dat werkgevers werknemers niet mogen belemmeren om buiten het werkrooster te gaan werken voor een ander of voor zichzelf, tenzij de werkgever hiervoor een objectieve rechtvaardigingsgrond kan aantonen. De rechtvaardigingsgrond is een objectieve reden, gegeven door de werkgever, waardoor het afgesproken nevenwerkzaamhedenbeding toch gehandhaafd kan worden.

Objectieve rechtvaardigingsgrond
Een rechtvaardigingsgrond hoeft niet gelijk bij het aangaan van de arbeidsovereenkomst gegeven te worden. Dit kan ook op het moment dat de werkgever een beroep doet op het nevenwerkzaamhedenbeding. Voorbeelden van rechtvaardigingsgronden zijn:

  • Gezondheid en veiligheid
  • Bescherming van vertrouwelijkheid van bedrijfsinformatie
  • Integriteit van overheidsdiensten
  • Het vermijden van belangenconflicten
  • Overtreding van de arbeidstijdenwet

Dit is geen limitatieve lijst, dus de werkgever kan ook nog andere rechtvaardigingsgronden hebben.

In de praktijk wordt vaak gebruik gemaakt van een beding waarbij de werkgever toestemming moet geven aan werknemer voor het werken voor een ander of voor zichzelf. Per 1 augustus kan de werkgever deze toestemming alleen nog weigeren met een beroep op een objectieve rechtvaardigingsgrond.

Advies nodig?
Heeft u nog vragen over uw huidige nevenwerkzaamhedenbeding of wilt u meer weten over de objectieve rechtvaardigingsgrond? Neem dan contact op met de juristen van Baat of uw Baat adviseur.