Wijzigingen omzetbelasting inzake sportvrijstelling en btw-tarief kantineontvangsten

Het juist toepassen van de geldende belastingwetgeving zal voor sportorganisaties in veel gevallen een hels karwei zijn. Laat staan het op de hoogte blijven van de wijzigingen in de belastingwetgeving en het op de juiste manier implementeren hiervan.

Als actief sporter en fiscalist houd ik wijzigingen in de belastingwetgeving die de sport raken, nauwlettend in de gaten. Zo zijn per 1 januari 2019 de btw-heffing ten aanzien van de sportvrijstelling en het forfaitair percentage kantineontvangsten gewijzigd. De kans is groot dat deze wijzigingen ook uw sportorganisatie treffen.

Btw-heffing bij sportkantines
De mogelijkheid bestaat dat opbrengsten van het exploiteren van een kantine door sportverenigingen belast is met btw. Indien de kantineopbrengsten het grensbedrag van de btw-vrijstelling voor fondsenwervende activiteiten overschrijden of wanneer deze zijn ondergebracht in een aparte kantinestichting, is er btw over de opbrengsten verschuldigd.

De staatssecretaris van financiën heeft goedgekeurd dat sportverenigingen waarvan de primaire activiteiten zijn vrijgesteld, over hun kantineopbrengsten btw voldoen naar een forfaitair percentage. Dit forfaitair percentage is, als gevolg van de verhoging van het lage btw-tarief van 6% naar 9%, verhoogd van 11,5% naar 13%.

Let dus goed op bij uw eerste btw-aangifte van 2019!

Vooraftrek btw bij sportorganisaties
Naast de verhoging van het forfaitair percentage ten aanzien van kantineontvangsten, is ook de sportvrijstelling van de omzetbelasting vanaf 1 januari 2019 gewijzigd.

In het verleden hebben sportverenigingen btw-besparende structuren opgezet. Door bijvoorbeeld een stichting op te richten die een sportaccommodatie huurt van de gemeente en hiervoor het onderhoud e.d. verzorgt en vervolgens ter beschikking stelt aan een sportvereniging. In deze situatie claimt de stichting vooraftrek van 21% over de huur van de sportaccommodatie en brengt uiteindelijk maar 6% in rekening bij de sportvereniging.

Door de wetswijziging vervalt het recht op vooraftrek van btw voor gemeenten en niet-winstbeogende exploitanten van sportaccommodaties. Hierdoor zijn de eerder opgetuigde structuren nutteloos geworden.

Om gedupeerde gemeenten en sportverenigingen te compenseren, kunnen zij, onder voorwaarden, in aanmerking komen voor de per 1 januari 2019 geldende subsidieregelingen. In de meeste gevallen zal de subsidie 20% van de kosten bedragen. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen zijn:

  • De bouw en het onderhoud van sportaccommodaties.
  • De aanschaf en het onderhoud van sportmaterialen.

Heeft u vragen over de wijzigingen inzake de sportvrijstelling van de omzetbelasting of het forfaitaire btw-tarief voor kantineopbrengsten? Neem contact op met Ivo Steins.

Gepubliceerd: 1 april 2019